zondag 15 januari 2017

Etappe 3: van Eupen naar Ternell (10+12 km) [GR 573]

Zo vaak krijg je de kans niet in België om te wandelen door een besneeuwd landschap. De agenda was dan ook snel vrijgemaakt en Rien was meteen bereid om mee te gaan op een dagtocht vanuit Eupen. Behalve het eerste stuk tot aan de oprit van de autosnelweg, lagen de wegen er goed bij zodat ik veilig aan het station van Eupen raak waar ik Rien oppik. We parkeren aan het zwembad van Eupen en dan vertrekken we goed ingepakt op weg. De GR-tekens leiden ons naar de oever van de Vesder tot aan de samenvloeiing met de Helle (a.k.a. Hoënge a.k.a.  Hill) die onze nieuwe leidraad wordt. Via een asfelweg parallel aan de Helle verlaten we de Eupense bebouwing.
 

De GR trekt het woud en via een brede bosweg bereiken we de Pont Guerrier of Schwarze Brücke.
 

Na het oversteken van dit brugje wordt de weg smaller en de sneeuw dieper. Ik keer even op mijn stappen terug omdat we door de sneeuw een kort stukje GR hebben gemist omdat sneeuw de tekens bedekte. Even later wordt het pad terug iets breder..


en moet er een beekje overwonnen worden.


We hadden deze ochtend nog geen levende ziel gezien tot we deze mountainbiker tegenkwamen. De eerste ploegt met zijn brede banden een pad vrij voor de tweede.


We laten ons door het adembenemende sneeuwlandschap leiden door de rood-witte tekens.



Wat later bereiken we de Barrage de la Helle. Met behulp van dit stuwdam en een 1,2 km-lange tunnel, wordt een deel van het water van de Helle afgeleid naar de Getzbach en zo naar het stuwmeer van Eupen Na al dat geploeter door de sneeuw moet Rien even rusten.


Genoeg gerust! We moeten weer verder. Wat volgt is een zeer mooie stukje GR op smalle paadjes dicht bij de rivier.



In de buurt van Ternell, eten we onze boterhammen op op een besneeuwde bank. Daarna haken we af van de GR573 om via de Getzbach en de Wesertalsperre terug naar de auto te wandelen. In Ternell is een langlaufverhuurstation en even komen we in een grote drukte terecht.


Gelukkig zijn slecht een kilometer of twee verder de meeste dagjestoeristen weg en keert de rust van het winterlandschap terug. We zien nog een dubbelganger van Rien (zoek de 7 verschillen) ...


... en daarna steken we het riviertje van Getzbach over dat we verder stroomafwaarts volgen.


Wat later staan we aan de andere kant van de tunnel tussen de Helle en de Getzbach waar Rien zich nogmaals kan uitleven met sneeuwballen.


 Wat verder krijgen we een eerste zicht op het stuwmeer van Eupen en de Vesderstuwdam.


Het laatste stukje tot aan het dam is wat saaier dan de rest van de tocht, maar worden wel beloond met een uitzicht op het meer.


De laatste kilometers van deze sneeuwwandeling naderen. Om zuiver wetenschappenlijke redenen steken we even wat prikkeldraad over naar een besneeuwd hellend veld. Ik wil testen of ik van mezelf een sneeuwbal kan maken die puur door de zwaartekracht blijft rollen (en Rien moet me dan maar stoppen). De eerste poging is alvast weinig succesvol.

video

Ik probeer nog een tweede en een derde keer, maar meer dan een gevoel van duizeligheid en sneeuw  in mijn jas, levert het niet op. Door al het gespeel in de sneeuw, verloopt het laatste uur van de wandeling in het donker. We komen terug aan de auto en na Rien terug af te zetten aan het station, rij ik terug naar Diest. Dit was een topdag.

zondag 30 oktober 2016

Etappe 2: van Pepinster naar Eupen (28,1 km) [GR 573]

In het donker parkeer ik mijn auto aan het station van Angleur net buiten Luik. Het is mistig, winderig en fris op het perron bij het begin van wat één van de laatste mooie herfstdagen van dit jaar beloofd te worden. In Pepinster stap ik van de trein en vind algauw de correct wit-rode streepjes richting Eupen. Mist, bos en, vooral, stilte, net wat ik nodig had. Ik volg een breed bospad. De nevel beperkt het uitzicht. Na een 3-tal kilometer breekt de zon voor het eerst door de ochtendmist.


De GR verlaat het bos, steekt de E42 over en trekt onder Verviers door. Hoewel de padmakers hun best hebben gedaan, vind ik het tot aan Sècheval toch maar een saaier stuk. Gelukkig volgt daarna tot in de buurt van Eupen één van de mooiste stukken die ik dit jaar gewandeld heb. Na een lichte klim verandert asfalt weer in bosweg. Ik doorkruis het bos op de rand van en in een holle weg tot aan enkele weides. De zon schijnt intussen vollop.


Niet veel verder trekt de GR opnieuw het bos in. Aan een kruispunt eet ik m'n boterhammen. Vlakbij herdenkt een oud kruis uit 1753 een jonge man, Nicolas Bohet die hier in februari van dat jaar dood teruggevonden werd. Spooky.


De GR bocht in 90° richting Limbourg. Ik verlies bijna mijn evenwicht bij de afdaling om een klein beekje over te steken. Na het bos gaat het via enkele draaihekjes recht door de wei tot aan Hèvremont. Op een rotsig pad win ik terug wat hoogte en ik krijg een mooie zicht op de streek achter mij, inclusief het viaduct dat gebouwd werd om water vanaf het stuwmeer van Gileppe tot aan de wolindustrie van Verviers te brengen.


Ik stap verder tot in de buurt van Limbourg. Bij nader inzien had ik hier beter een kleine omweg gemaakt om het centrum van dit historische dorpje beter te bekijken, maar ik daal af richting Goé en krijg als troostprijs een mooi zicht op het kerkje van Limbourg.


De zon blijft maar schijnen op deze prachtige herfstdag.


Van hier tot Eupen trekt de GR regelmatig via draaipoortjes dwars door de velden. Wat een heerlijk vrij gevoel!


Veld na veld wordt doorgestoken en uiteindelijk kom ik aan in het mij weinig bekende Eupen. Ik noteer alvast de groen-gemarkeerde "Le chemin des echaliers" als lokale wandeling waarvoor ik ooit eens moet terugkomen.


Ik haak af van de GR, de hoge venen zijn voor later, en ben nog net op tijd voor de trein die me na overstap in Luik terug afzet in Angleur. Einde van een prachtige wandeling op een prachtige herfstdag.

dinsdag 4 oktober 2016

Etappe 11: van St.-Jan-Ter-Biezen naar Adinkerke (42,9 km) [GR 5A Zuid]

Afgelopen vrijdag is mijn vader overleden. Het begon allemaal toen ik op 16 augustus 2014 werd opgebeld door mijn zus toen ik al lag te slapen in mijn tentje op een camping in Malo-les-Bains langs de GR 120 Littoral. Ze bracht het nieuws dat vake een zware epilepsie-aanval had gehad op reis in Frankrijk en ter plaatse was opgenomen in het ziekenhuis. Eens gerepatrieerd en na allerlei onderzoeken bleek het om een hersentumor te gaan. Een experimentele behandeling leek vruchten af te werpen totdat er begin dit jaar een verslechtering van zijn toestand was. De artsen van het universitair ziekenhuis probeerden eerst nog een andere behandeling, maar deze sloeg niet aan. In januari werd de behandeling stop gezet en werd de ziekte palliatief verklaard. Na een lange weg is hij thuis overleden in het bijzijn van de familie. Tot zover deze lange uitleg waarom ik nood had aan een stevige wandeling.

Het laatste stukje van de GR 5A zuid stond al lang op mijn to walk lijstje. Door de +40 km afstand en de lange reistijd, was het eerste idee om dit in twee stukken te doen en ergens mijn tentje op te slaan. Ik vond echter niet meteen een camping en zo is deze etappe lang blijven liggen. Vandaag waag ik het in één trek tussen de stations van Poperinge en Adinkerke. Met het stuk van Poperinge tot aan de GR erbij, is dit een 47 km wandelen. Een uitdaging, maar door vroeg te vertrekken en dankzij de vlakke paden zou dit tussen zonsopgang en zonsondergang moeten lukken. Ik sta op om 04:50 en rij naar het station van Antwerpen-Berchem. Ik parkeer de auto op de brug over de autoweg en verifieer nogmaals dat ik buiten de betalende zone sta zodat ik niet hetzelfde voorheb als bij de laatste tocht op deze GR. De trein van 05:43 zet me rechtstreeks af in Poperinge om 07:50. Van het station wandel ik door de schoolse drukte in het centrum en daarna via de N308 tot aan de eerste wit-rode streepjes. De GR trekt meteen de velden in. De wind moet nog aan kracht winnen. Ik wandel over grijze stille landweggetjes tot aan Proven. In Proven merk ik dat er iets niet klopt met de afstandentabel in de topogids (uitgave 2003). Volgens mij zijn de afstanden tussen referentiepunten 14-15 en 15-16 omgewisseld. Dat betekent 2,6 km extra, maar op de vlakke wegen gaat het gelukkig goed vooruit. Ik vervolg mijn weg langs een beekje en opnieuw een landweg. In de velden is men druk bezig met de bloemkooloogst.


Wat verder doen de koeien zich te goed aan een baal hooi.


In het grensdorpje Haringen maak ik kennis met Karel de Blauwer. Via de kerk kom ik op een mooi natuurpad.


Vanaf Roesbrugge pikt de GR 5A een tijd aan met de ijzer. Geen oorlogsgraven of monumenten hier: dit stuk lag tijdens WO I steeds achter de frontlinie. De ijzer dankt zijn naambekendheid aan het front tussen Diksmuide en Nieuwpoort. Ik volg het jaagpad met achter mij de kerk van Roesbrugge, links van mijn de mooi gelegen kerk van Beveren-aan-de-Ijzer en voor mij de Broekmolen.


Aan de klapbrug richting Stavele hou ik even halt om te eten en van sokken te wisselen. De GR 5A keert de Ijzer de rug toe en leidt me via opnieuw enkele ge-asfalteerde landwegen tot aan het mooie plekje aan de kerk van Gijverinkhove. Wat verder volgt eindelijk nog eens een mooi onverhard stukje veldweg.

Aan een huis met opschrift "In de Dode Mannen" volg ik de asfalten landwegen die ik deel met tractoren en andere landbouwvoertuigen tot aan Houtem.


Aan de oude pastorie vlakbij de kerk van Houtem, leert een infobord me dat hier het hoofdkwartier was van het Belgische leger tussen '14 en '18. Weer iets bijgeleerd vandaag. Na Houtem steekt de GR 5A de Bergenvaart en de ringslot over. Een rij populieren lijkt over elkaar heen te rollen van het lachen door de wind. De GR kiest voor een weg pal op de Frans-Belgische grens doorheen de laaggelegen Moeren. Dit is het klassieke beeld dat ik altijd van West-Vlaanderen had. Een grote saaie pannekoekplatte leegte van velden met hier en daar een boerderij.


Boerderij het Moerhof markeerd het einde van het stuk door de Moeren. Het GR-traject is vanaf hier tot Adinkerke ingrijpend gewijzigd. In plaats van de E40 te volgen, steekt de GR even de grens over om wat extra internationale uitstraling aan deze etappe te geven en volgt dat de rand van het domein Cabourg. Ik zie enkele bunkers liggen van het voormalige "Stützpunkt Oostende-West-049". Na het oversteken van een kanaal kom ik bij het station De Panne - Adinkerke. Het is gelukt! Het is nu 18:30 dus ben ik nog ruim op tijd voor de trein van 18:52 die me via overstap in Gent om 21:17 afzet in Antwerpen-Berchem. Ik merk op de trein dat ik nog wel wat wandelingen ga kunnen gebruiken.

dinsdag 23 augustus 2016

Etappe 8: van Franière naar Boninne (23,5 km) [GR 412]

Vandaag een dagje vrijaf genomen om net bij de start van een nieuwe hittegolf een tochtje te maken over de GR 412. Ik parkeer de auto aan het kleine station van Marche-les-Dames en neem er de trein naar Franière. De Sentier des Terrils steekt meteen de Samber over om aan te knopen met de GR 126.


Tot aan het kasteel van Floriffoux lopen beide GR's gemeenschappelijk. Ik liep dit deel al eens en het is helaas niet echt een interessant traject om tweemaal te wandelen. Hierna volgt een mooier stukje doorheen het Bois de la Flache. Na dit bos mis ik helaas een belangrijke routewijziging op het traject. Op het kruispunt met de N93 zag ik geen GR teken. Verderop in de richting van het oude traject was er wel een teken te zien en zo mis ik ongewild de trajectwijziging. Het wordt me snel duidelijk waarom men het pad op deze plek gewijzigd heeft. Na een stuk langs een drukke weg, volgt een industrieterrein in wording. Ik krijg bulldozersen graafmachines te zien in plaats van mooie landschappen.



Ik volg verder het oude traject zoals het ingetekend staat in de topogids.Wat verder staat een grote omgekeerd claxon.


Na al dit geweld, moet ik nog een stuk in de berm langs de N904. Wat een teleurstelling! Wanneer de GR de wegberm verlaat, zie ik de wit-rodestreepje van de andere kant toekomen. Vanaf hier zit ik dus terug op het juiste spoor. Er volgt meteen (eindelijk) een mooiere weg doorheen het kleine dal van de Houyoux. De GR stijgt uit het dal tot aan een mooie kasteelhoeve.


Er volgen enkele lange veldwegen. Ik neem de tijd om te eten onder de schaduw van een dikke eik.


Na de velden doorkruist de GR het dorpje Vedrin en steekt de E411 over. De hoge "tour Belgacom" die hier vroeger stond is helaas verdwenen. Na Cognelée volgt opnieuw een stukje bos tot aan de militaire begraafplaats van Champion. Hier liggen voornamelijk Belgische en Franse soldaten die sneuvelden tijdens de eerste wereldoorlog aan het nabijgelegen fort van Marchovelette, een onderdeel van de vesting Namen. Centraal in de begraafplaats staat een beeld van een Belgische en Franse soldaat schouder aan schouder.


Ik vervolg de weg door het bos tot aan Boninne. Hier haak ik af om via een paar extra kilometer af te dalen tot het station van Marche-les-Dammes om terug naar Diest te rijden.

zondag 7 augustus 2016

Etappe 1: van Angleur naar Pepinster (28,2 km) [GR 573]

Nu de streek GR Groene Gordel is voltooid, mag het volgende boekje uit de kast. Ik parkeer m'n auto in de vroege ochtend aan het station van Angleur, steek het nooit afgewerkte Canal de l'Ourthe over en wandel naar de eerste tekens langs  l'Ourthe-oever. Ik vraag me af wat eetbaars er te vangen is in dit bruine water.
 

Na enkele straten doorheen deze buitenwijk van Luik, klimt de GR voor het eerst de wand van de Vesdervallei op. Ik werp een blik richting Luik alvorens ik definiet mijn rug keer naar de stad.


Na een eerste oversteek van de Vester volgt de GR een oude kruisweg. Verborgen tegen de helling ligt een sfeervolle oude begraafplaats.


Eens boven kom ik aan de kapel en basiliek van Chèvremont, ooit een populair bedevaartsoord, maar twee keer zwaar beschadigd tijdens WO I en II door de ligging vlakbij het fort van Chaudfontaine en daarna in populariteit voorbijgestoken door Banneux waar de maagd Maria intussen (1933) een aantal keer was gesignaleerd. Ik wandel verder naar de militaire begraafplaats vlakbij het fort en kijk even achterom.


Ik daal af door het bos tot in Chaudfontaine en zie stapel waterbakken van het gelijknamige watermerk. Op het pleintje aan de overkant van de Vesder moet ik even zoeken naar een GR-teken, maar dan vind ik de juiste weg. Ik negeer de plakkaten"Accès interdit - risque d'éboulement" en "Passage interdit - chemin dangereux" en volg de zigzagweg terug de helling op.  Wat volgt is een leuk traject via de pont du diable tot aan de spoorweg. Ik trap onderweg bijna op een slang! Ik schrik me een hoedje. Ze verdween zo snel in het lange vochtige gras dat ik jammergenoeg geen foto heb kunnen maken, maar het was geen hazelworm. Na even met een stok in het gras te prikken in de hoop toch nog een glimp op te vangen van een slang ga ik weer verder. Na een iets minder spectaculair stukje langs de spoorweg en enkele arbeidershuizen, trekt de GR terug de natuur in. Ik krijg een zicht op de oude industrie van het dorpje Prayon dat de naam leverde voor de gelijknamige fosfaatchemiereus die ondermeer fosforzuur maakt voor Coca Cola in Puurs en Engis.


Wat verder in Trooz staat nog een getuige van het industriële verleden van deze streek: een oude "Fenderie". Hier werden de lange metalen staven van de hoogovens opnieuw opgewarmd, gewalst met behulp van waterkracht en in stukken geknipt (fendre = ~splitsen, klieven) voor verdere (fijnere) bewerking.


Na een lange verharde weg (en een loslopende hond, grr) bereik ik een golvend veldenlandschap.


Ik neem even een foute afslag, maar daardoor krijg ik een mooi zicht op een diepe steengroeve waar een kudde geiten in ronddwaalt. De GR volgt een tijd de rand van de Vesdervallei met sporadisch een zicht op de overkant.


Ik daal af tot aan Nessonvaux waar ik de GR 5 tegenkom. Even m'n boterhammen opeten en dan weer verder. Het pad stijgt tot aan het dropje Trazinster waar een rommelmarkt aan de gang is. Ik ruil de dorpsdrukte in voor de rust van het Bois de Fraipont en steek de Rau de Sangnion over.


Na een mooi bostraject...


... bereik ik een vervallen boerderij.


Ik volg de veldweg verder en kom als vanzelf in Pepinster.


De trein brengt met vlot terug naar het station van Angleur na deze aangename eerste kennismaking met de GR 573.